Voor aanbiedingen klik hierboven ☝︎ bij <diensten> (mobiel: klik op +) op de dienst van uw interesse.

Heel in het kort iets over mijn filosofie

Onze leefwereld zit vol betekenis. Werk aan bewustwording van betekenis en vergroot
– je zelfvertrouwen,
– je zelfrespect
– je vrijheid om jezelf en anderen te waarderen!

Vertrouwen, respect en sociale waardering zijn vormen van ‘erkenning‘. Erkenning is een psycho-sociale basisbehoefte. De filosofie van Axel Honneth gaat hierover en inspireert mij.

Meer weten over de filosofie achter Filosofie Dichtbij?

Scroll naar beneden en lees de lange versie! 

Inleiding
Hoe kunnen we in onze samenleving ertoe komen dat we van elkaar horen wat we te vertellen hebben? Dat we elkaar zien zoals we graag gezien willen worden? Hoe kunnen we uit de cirkels van ons eigen gelijk stappen, waarin we elkaar met veel geschreeuw gevangen houden? Is er sowieso een manier van spreken mogelijk die ruimte schept om elkaar te begrijpen? Zijn de basisbeginselen, gedragscodes, geloofswaarheden en waardensystemen van de grote diversiteit aan groeperingen en meningen niet tot in de wortels te verschillend? Zullen we met al die verschillen niet altijd langs elkaar heen praten?

Inspirators
Deze vragen brachten me tot een onderzoek naar antwoorden op de vraag hoe we in onze diverse samenleving in gesprek kunnen blijven met elkaar. Mijn onderzoek deed me uitkomen bij de ‘filosofie van intersubjectiviteit en erkenning’ van Axel Honneth, de ‘uitdagende analyse van vertegenwoordigende democratie’ van Claude Lefort, het idee van ‘actief pluralisme’ van Guido Vanheeswijck, het ‘existentialisme van spiegelneuronen’ van Marco Iacoboni, de ‘visie op publieke ruimte’ van Hannah Arendt in de ‘onderwijspedagogiek van zachtheid en risico nemen’ van Gert Biesta en de techniek van het socratisch gesprek, met name zoals ik die geleerd heb bij Dries Boele.

Persoonlijke visie
Via het bestuderen van gedachtegangen van bovenstaande auteurs heb ik mijn persoonlijke visie op leven in een diverse sociale omgeving ontwikkeld. Deze visie komt in alle facetten van mijn praktijk Filosofie Dichtbij tot uitdrukking. Graag vertel ik daar in allerlei toonaarden over als u mij uitnodigt voor een lezing. Ik streef ernaar mijn verhalen en uiteenzettingen af te stemmen op de situatie in uw bestuursomgeving, overheidsorgaan, instituut, instelling, bedrijf of team. Hieronder geef ik u alvast de mogelijkheid om u te oriënteren op de hoofdlijnen van mijn persoonlijke visie.

De complexiteit van ons steeds veranderende levensverhaal
Mensen zijn verweven met andere mensen, op allerlei niveaus in allerlei opzichten in een complexe wirwar van actie en reactie. Tegelijkertijd is er in ieder mens het spontane, het nieuwe, het creatieve. Deze twee dimensies van mens-zijn noem ik kortweg ‘verwevenheid’ en ‘spontaniteit’. Verwevenheid en spontaniteit zijn nauwelijks of niet van elkaar te onderscheiden in een innerlijke dynamiek. Zowel wat betreft de manier waarop we verweven zijn als in het spontane speelt erkenning een vormende rol. Processen van erkenning in relaties die voor ons betekenisvol zijn, bepalen zelfs wie wij als mens worden. Welnu, in de momenten dat we het gevoel hebben dat we spontaan onszelf kunnen zijn en er toch helemaal bijhoren in onze sociale omgeving, benaderen we het dichtst de ervaring van heelheid; met andere woorden, dan zijn we wie we geloven dat we zijn en willen zijn. Dit is de kortst mogelijke samenvatting van de theorie van Axel Honneth. Hij noemt de ervaring van heelheid ‘identiteit’. Net als Honneth zie ik identiteit niet als iets wat je van te voren kunt beschrijven om er vervolgens doelgericht naar toe te werken. Het is een altijd doorgaande innerlijke dynamiek, een strijd om erkenning die ten diepste een strijd om zelferkenning is.

Ontwikkelingspsychologie en burgerschap
In de loop van ons leven verinnelijken we onze ervaringen met erkenning of het tegenovergestelde ervan: het uitblijven van erkenning of zelfs miskenning. Op die manier bouwen we persoonlijke sferen van erkenning op, die Honneth beschrijft als (zelf)vertrouwen, (zelf)respect en (zelf)waardering. De opbouw van (zelf)vertrouwen is voornamelijk een ontwikkelingspsychologisch proces. Uit sociaal-psychologische observaties en uit neurologisch onderzoek naar spiegelneuronen komt steeds onontkoombaarder naar voren dat de opbouw van sferen van erkenning al begint in de allervroegste levensfase in de relatie tussen moeder en kind. (Zelf)respect hangt samen met je burgerschap en de rechten en plichten die je daaraan ontleent. In feite heeft elke staatsburger door de loop van de moderne geschiedenis gelijke rechten verworven. Minderjarigen en staatslozen (bijvoorbeeld vluchtelingen zonder paspoort) zijn daarvan uitgezonderd. (Een verhelderende presentatie van de visie van Hannah Arendt op de problematiek van politieke vluchtelingen vindt u hier: https://www.human.nl/speel~POW_00399921~hannah-arendt-1906-1975-durf-te-denken~.html)

Sociale waardering
Filosofie Dichtbij houdt zich vooral bezig met de derde sfeer van erkenning, namelijk die van (zelf)waardering. Een term die Honneth in dit verband vaak gebruikt, is ‘praktijken van sociale waardering’. Ik vind bij hem echter geen bruikbare antwoorden op de vraag hoe we dat dan moeten doen. Om die vraag te kunnen beantwoorden moeten we eerst weten waarvoor we elkaar zouden moeten waarderen. Honneth schrijft dat het gaat om waardering van de samenleving voor wat iemand bijdraagt aan wat collectief als waardevol wordt beleefd. Dat laatste ligt evenwel niet vast. Daarom ontstaan er praktijken waarin waarden en normen van groepen schreeuwen om de grootste aandacht van het publiek. En zo zijn we terug bij mijn uitgangsvraag. Gert Biesta stelt eigenlijk dezelfde vraag als hij schrijft: “de vraag is hoe gemeenschappelijk handelen mogelijk is met inachtneming van de gelijktijdige tegenwoordigheid van ontelbare perspectieven en aspecten waarmee de gemeenschappelijke wereld zichzelf presenteert en waarvoor geen gemeenschappelijke meetlat of gemene deler kan worden gevonden”. En hier biedt de ruimte van onze vertegenwoordigende democratie een geweldig perspectief. 

Vertegenwoordigende democratie: optimale ruimte voor sociale waardering!
Wat ik hiermee bedoel, heb ik leren inzien aan de hand van de politieke analyses van Claude Lefort. In een vertegenwoordigende democratie hoeven we als gewone burgers meningsverschillen niet zelf uit te vechten. Lefort stelt dat in een vertegenwoordigende democratie het conflict is geïnstitutionaliseerd. Kort door de bocht betekent dit, dat we vertegenwoordigers kiezen die meningsverschillen opvatten als belangen. Zij zijn het die vervolgens die belangen uitonderhandelen. En precies dat geeft ons de ruimte die nodig is voor positieve sociale waardering. Er staat in directe zin immers niets op het spel wat we hier en nu als ons eigen gelijk moeten verdedigen of waarvan we andersdenkenden overtuigen moeten. We moeten ons wat dat betreft niet om de tuin laten leiden door de publiciteit rondom de vertegenwoordigers die we gekozen hebben. Wanneer zij onze meningsverschillen hebben omgezet tot belangen, lijken zij zich als boemerangs tot ons te richten. In de praktijk wordt ons geleerd onze politieke vertegenwoordigers te zien als (meestal falende) verdedigers van onze belangen. Nieuwsmedia spelen daarbij een sfeerbepalende rol. Dat heeft ook te maken met de omzet van elk denkbaar meningsverschil in financiële termen. Al doende wordt het conflict teruggebracht in de ruimte waaruit we het als vertegenwoordigende democratie juist hebben weg georganiseerd. Dat moeten we niet laten gebeuren. De ruimte buiten de instituten waaraan we het conflict hebben gedelegeerd, biedt juist mogelijkheid om met z’n allen anders te zijn. Het is zelfs zo dat “gemeenschap alleen mogelijk is als verbinding-in-verschil”. Zo bekeken is anders-zijn ineens niet langer een belemmering, maar voorwaarde van gemeenschap. Door wat we doen en zeggen, presenteert een ieder van ons zich als anders. En dat is waar we sociale waardering voor nodig hebben. We hebben behoefte aan erkenning van onze zelfpresentatie. Door dingen te doen en te zeggen (filosofisch gezegd: door te handelen) geven we mede vorm aan ons “menselijk tezamen-zijn” als samenleving. Vandaar dat we voor waardering zijn aangewezen op wat ons van andere leden van de samenleving te beurt valt.

Verbeelding is het antwoord
Hoe kunnen we dat dan in praktijk brengen? Voor het antwoord op die vraag volg ik Biesta in het beroep dat hij doet op de verbeelding. ‘Verbeelding’ werkt in dit verband als het verzamelen van “verhalen om een gebeurtenis heen vanuit zoveel mogelijk perspectieven die er belang bij hebben om het te vertellen. Terwijl ik naar de verhalen luister, moet ik me voorstellen hoe ik zelf zou reageren als een personage in een verhaal dat heel anders is dan het mijne. Waar het hier over gaat, is het denken van mijn eigen gedachten, maar in een verhaal dat heel anders is dan mijn eigen verhaal. Hiermee stap ik voor enkele ogenblikken uit mijn comfortzone en dat is noodzakelijk om te begrijpen hoe anders de wereld eruitziet voor iemand anders.” Dit is iets anders dan empathie, waarbij lijkt te worden aangenomen dat we “de positie van de ander kunnen innemen. Dan vergeten we echter dat iemands eigen zien en denken altijd een plaats heeft in diens situatie”. Het gaat dus niet om verbeelding als “kijken door de ogen van iemand anders, maar om kijken vanuit een positie in een verhaal dat sterk verschilt van het jouwe.” Door ons te oefenen in een dergelijke manier van verbeelden, ondervinden we dat in gesprek zijn met elkaar hetzelfde kan zijn als begrijpen dat we “met andere mensen, vreemden, voor altijd, in dezelfde wereld leven. In gesprek zijn draait niet om het delen van dezelfde waarden en normen, niet om een gemeenschappelijk fundament, maar om een gemeenschappelijke wereld.” 

Conclusie en toepassing
Het antwoord op de vraag hoe we met elkaar in gesprek kunnen zijn in een diverse samenleving is dat we elkaar als anders zullen moeten leren waarderen. Sociale waardering moet dan een praktijk zijn van oefenen in verbeelding als kijken vanuit posities in elkaars verhalen. We moeten dan wel bereid zijn elkaar onze verhalen te vertellen en er uiterst aandachtig naar te luisteren. Het is mijn ambitie om met Filosofie Dichtbij letterlijk en figuurlijk oefenruimtes voor verbeelding te scheppen en te helpen scheppen. Hoewel het geen doel is dat gerealiseerd kan worden aan de hand van een stappenplan, zou het prachtig zijn als in die ruimtes mensen het gevoel hebben dat ze spontaan zichzelf kunnen zijn en er toch helemaal bijhoren in de sociale omgeving van dat moment.



Voor wie op academisch niveau wil lezen wat mijn filosofische positie is
: 

1. https://filosofieblog-dichtbij.blogspot.com/2018/10/het-ideaal-van-zelfrealisatie.html 

2. https://filosofieblog-dichtbij.blogspot.com/2018/10/book-review-vanheeswijck-guido.html

3. https://filosofieblog-dichtbij.blogspot.com/2018/10/actief-pluralisme-als-open-houding.html



Bronnen waaruit ik direct of indirect put voor mijn werk voor Filosofie Dichtbij

In deze tekst heb ik citaten opgenomen tussen “…”, zonder referenties omwille van de leesbaarheid. Vanwege dezelfde reden heb ik de citaten her en der tekstueel aangepast. De citaten zijn afkomstig uit: Biesta, Gert, Het prachtige risico van onderwijs, Culemborg: Uitgeverij Phronese, 2015. Veel van wat ik hier aan Biesta’s boek ontleen, heeft hij op zijn beurt ontleend aan werk van Hannah Arendt. Van de andere genoemde auteurs heb ik geen citaten opgenomen. Wel leunt mijn visie op cruciale punten op wat zij hebben geschreven. Wat ik van Lefort heb overgenomen over belangenvrije publieke ruimte, wordt overigens ook betoogd door Charles Taylor. Verder is het zo dat ik mij in al mijn filosoferen geïnspireerd weet door de uiteenzetting van perceptie als ‘être au monde’ in Fenomenologie van de waarneming van Maurice Merleau-Ponty’.

Anderson, Joel – Honneth, Axel, “Autonomy, Vulnerability, Recognition, and Justice”, in: Christman, John – Anderson, Joel (eds), Autonomy and the Challenges to Liberalism: New Essays, Cambridge: Cambridge University Press, 2009.

Delnoij, Jos – Dalen, Wieger van (reds.), Het Socratische gesprek, Budel: Uitgeverij Damon, 2003.

Fraser, Nancy, “Talking about Needs: Interpretive Contests as Political Conflicts in Welfare-State Societies”, Ethics, Vol. 99, No 2 (Jan., 1989).

Honneth, Axel, “Rejoinder”, in: Petherbridge, Danielle (ed.), Axel Honneth: Critical Essays. With a Reply by Axel Honneth, Leiden; Boston: Brill, 2011.

Honneth, Axel, The Struggle for Recognition. The Moral Grammar of Social Conflicts, Translated by Joel Anderson, Cambridge: Polity Press, 1995, 215 p. (oorspronkelijke uitgave: Kampf um Anerkennung, Berlin: Surkamp Verlag, 1992).

Iacoboni, Marco, Het spiegelende brein. Over overlevingsvermogen, imitatiegedrag en spiegelneuronen, Amsterdam: Uitgeverij Nieuwezijds, 2015. Originele (veel beter de lading dekkende) titel: Mirroring People – The New Science of How We Connect With Others, New York: Farrar, Strauss and Giroux, 2008, vertaling door Fred Hendriks.

Kessels, Jos, Spelen met ideeën. De kunst van het filosofische gesprek, Amsterdam: Boom, 2012.

Lefort, Claude, “Het beeld van het lichaam en het totalitarisme”, “Het vraagstuk van de democratie”, Democratie en vertegenwoordiging” en “Bestaat het theologisch-politieke nog?” in: Wat is politiek?, Amsterdam: Boom uitgevers, 2016.

Mendieto, Eduardo – Vanantwerpen, Jonathan, De kracht van religie in de openbare sfeer. Met een woord vooraf van Guido Vanheeswijck dialoog tussen Jürgen Habermas, Charles Taylor, Judith Butler en Cornel West, Kampen: Klement, 2014

Pensky, Max, “Social Solidarity and Intersubjective Recognition: on Axel Honneth’s Struggle for Recognition”, in: Petherbridge, Danielle (ed.), Axel Honneth: Critical Essays. With a Reply by Axel Honneth, Leiden; Boston: Brill, 2011, p. 125 – 153

Rancière, Jacques – Honneth, Axel, Recognition or Disagreement. A Critical Encounter on the Politics of Freedom, Equality and Identity, edited by Katia Genel and Jean-Philippe Deranty, New York: Columbia University Press, 2016.

Schuster, Shlomit, C., Filosofischhe praktijk. Een alternatief voor counseling en psychotherapie, Rotterdam: Lemniscaat, 2001

Taylor, Charles, Moderniteit in meervoud. Cultuur, samenleving en sociale verbeelding, Kampen: Uitgeverij Klement, 2005

Vanheeswijck, Guido, Tolerantie en actief pluralisme. De afgewezen erfenis van Erasmus, More en Gillis, Kampen: Uitgeverij Klement, 2008